28-01-10
Ex-katholieken blijven onder kerkelijk huwelijksrecht
EX-KATHOLIEKEN BLIJVEN ONDER KERKELIJK HUWELIJKSRECHT
ANTWERPEN (KerkNet/K&L) – Vorige maand publiceerde paus Benedictus XVI het motu proprio ‘Omnium in mentem’ waarmee hij enkele wijzigingen liet aanbrengen in het kerkelijke wetboek.
„Een zeldzame gebeurtenis”, vertelt professor kerkelijk recht Luc De Fleurquin deze week aan ‘Kerk&Leven’. „Het is nog maar de tweede keer sinds de publicatie van het wetboek in 1983 dat er wijzingen komen. In het burgerlijke recht gebeurt dat constant.”
Het Latijnse motu proprio betekent letterlijk ‘uit eigen beweging’. Het betreft een document waarin besluiten worden afgekondigd die de paus op persoonlijk initiatief neemt. Zo herstelde Paulus VI in 1967 met een motu proprio het ambt van gehuwd permanent diaken.
Benedictus XVI kan eigenhandig het kerkelijke recht wijzigen. Luc De Fleurquin:
„De paus is dan ook de hoogste wetgever in de Kerk, en de rechtsregels die hij uitvaardigt gelden voor de hele wereldkerk.”
Wat betekent ‘Omnium in mentem’ concreet? Het wijzigt vijf rechtsregels (canones), waaronder twee over de wijding. Het is een aanpassing van het Wetboek van Canoniek recht aan de theologie over het gewijde ambt, en maakt een onderscheid tussen enerzijds de bisschop en de priester, en anderzijds de diaken. Eerstgenoemden ontvangen een zending om te handelen in de persoon van Christus, terwijl diakens de kracht ontvangen om het volk Gods te dienen door de diaconie in de liturgie, de verkondiging en de naastenliefde. De wijziging heeft op zich geen gevolgen voor wat diakens momenteel doen of niet doen.
Anders is het gesteld met de wijziging van drie rechtsregels uit het huwelijksrecht. Het kerkelijke wetboek verbiedt een huwelijk tussen katholieken en niet-katholieken, tenzij er een speciale toelating wordt gegeven. Mensen die onder meer met een brief formeel waren uitgetreden uit de Kerk werden niet meer beschouwd als katholieken.
Die mogelijkheid wordt nu geschrapt en heeft als gevolg dat de Kerk niet formeel kan worden verlaten en de Kerk zich ook blijvend bevoegd beschouwt voor het huwelijk van gedoopten die ex-katholiek zijn. Die verandering komt vooral voort uit ervaringen in landen in het Zuiden waar heel wat mensen na uittreden terugkeerden naar de katholieke Kerk.
Twee gedoopten kunnen weliswaar steeds een burgerlijk huwelijk afsluiten, maar het kerkelijke recht bepaalt dat ieder huwelijk waarin tenminste een gedoopte is betrokken ook kerkelijk moet gesloten worden. Daarom wordt van katholieken gesteld dat ze na het burgerlijke huwelijk ook kerkelijk huwen.
(Kerknet)
10:45 Gepost door Wally in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: paus, priester, christus, liturgie, ver, theologie, wetboek, bisschop, diaconie, kerkelijk recht, benedictus xvi, motu proprio, kerk leven, paulus vi, luc de fleurquin, omnium in mentem, kerkelijk wetboek, permanent diaken, canones, canoniek recht, diaken |
|
del.icio.us |
|
Digg |
Facebook |
07-04-09
Spanje: Priesters opgeroepen om 10% van loon af te staan
BRUSSEL (KerkNet/LaCroix) – Priesters in het Spaanse bisdom Segovia werden bij de start van de Goede Week door hun bisschop opgeroepen 10% van hun loon aan werklozen af te staan.

Mgr. Angel Rubio (foto), bisschop van Segovia, spoort zijn geestelijken aan het bedrag door te storten naar Caritas. Spaanse geestelijken verdienen gemiddeld 600 tot 900 Euro.
Spanje is in Europa een van de grootste slachtoffers van de crisis. Maandelijks zijn er 100.000 nieuwe werklozen. Volgens Eurostat bedraagt de werkloosheid er 15,5%.
(Kerknet)
19:29 Gepost door Wally in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: crisis, caritas, priesters, spanje, bisschop, segovia, angel rubio, werkloosheid, eurostat |
|
del.icio.us |
|
Digg |
Facebook |
09-01-09
Mgr. Hoogmartens - Leven uit de Schrift
Mgr. Hoogmartens
"Vertrouwen"
De gebedsmomenten van Taizé, met duizend onlangs in onze kathedraal, met tienduizenden in Brussel, en met honderdduizenden in Taizé en wereldwijd, maken deel uit van een grote beweging. Ze wordt door de broeders van Taizé een ‘pelgrimage van vertrouwen' genoemd. De gemeenschap van meer dan honderd broeders uit verschillende christelijke kerken ziet het als haar roeping om jonge mensen te laten thuiskomen bij God en bij elkaar. Daarom trekken zij ook wereldwijd rond, zoals onlangs in Nairobi en nu in Brussel. Zij willen jongeren doorheen een ervaring van gebed en meditatie helpen groeien in vertrouwen. ‘Ja, het loont de moeite om zich in te zetten. Het is niet naïef om te geloven in een menselijker wereld. Er zijn redenen om te hopen ondanks alle pessimisme en cynisme'.
Fundament van dit vertrouwen is God zelf die mensen aanspreekt in het diepst van hun hart en die ook wij kunnen ontmoeten in meditatie en gebed. Het wordt mooi uitgedrukt in het bekende liedrefrein van Taizé: ‘In de Heer vind ik heel mijn sterkte, in mijn God de vreugdezang. Gij die mijn bevrijding bewerkt, op U vertrouw ik en ‘k ken geen angst. Op U vertrouw ik en ‘k ken geen angst'.
De gebeden van Taizé ademen alle de geest uit van de Bijbelse context waaruit zij zijn ontstaan. Het is daarom goed dat ook wij, die willen groeien in vertrouwen op God, uit de Bijbel lezen. We lezen nu uit Jesaja (12, 1a.2.4-5).
1 Op de dag van het heil zult gij zeggen:
2 ‘Ja, God is mijn redding,
ik vrees niet, ik ben vol vertrouwen:
de Heer is mijn sterkte en kracht,
Hij is mijn redding geworden'.
4 Op die dag zult gij zeggen:
‘Looft de Heer, roept zijn naam uit,
maakt onder de volken zijn daden bekend,
verkondigt zijn hoog verheven naam.
5 Zingt de Heer lof, want Hij deed grootse dingen,
laat het bekend zijn over heel de aarde!'
De profeet Jesaja spreekt het volk moed en vertrouwen in. ‘Op die dag' - dat wil zeggen eens de tijd van ballingschap voorbij is - ‘zul je weten dat God je redding is. Dan zal je vrees wegsmelten als sneeuw voor de zon. Als je je Zijn grootse daden herinnert, als je gedenkt wat Hij al die tijd deed voor je voorvaderen, dan ontdek je dat lof aan God het diepste antwoord is dat je als mens kan geven. Dan ontdek je dat je uiteindelijk geroepen bent om met je leven zijn Naam te verkondigen, in je eigen omgeving en eigenlijk over heel de wereld. Dan zul je zeggen: Loof God, roep zijn naam uit en spreek over Hem'.
Jonge mensen die deelnemen aan de ‘pelgrimage van vertrouwen' van Taizé, leren met gelovige ogen naar het leven te kijken. Zij leren er de weg kennen van gebed en meditatie. Dat is een veilige weg om in vertrouwen te groeien. Geen blind vertrouwen, maar een vertrouwen dat gefundeerd is op de ervaring en de geschiedenis van Israël en op het getuigenis van Jezus.
Het is wonderlijk te zien hoe jonge mensen in dit vertrouwen kunnen meegenomen worden als zij samen met anderen leren bidden en mediteren. Is dit vertrouwen ook ons gegeven?
Wat treft je in wat je hoorde, las of meemaakte vanuit het Taizégebed?
Hoe is jouw levensvertrouwen gegroeid vanuit de ervaring van meditatie of gebed?
Laten wij bidden:
Heer onze God,
altijd zijt Gij met mensen onderweg.
Help ons in de wederwaardigheden van ons leven
altijd uw aanwezigheid voor ogen te houden.
Geef ons een diep vertrouwen,
zodat vrees en angst in ons leven plaats maken voor lof en dank.
Dan wordt Gij onze sterkte en onze redding, nu en altijd.
Door Christus onze Heer.
Amen.
+ Patrick Hoogmartens
09:01 Gepost door Wally in Ter bezinning | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: vertrouwen, gebed, hasselt, bisschop, taize, bedevaarten, hoogmartens |
|
del.icio.us |
|
Digg |
Facebook |
06-01-09
Dankwoord Mgr. Johan Bonny
Beste Broeders en Zusters,
en al wie deze wijding heeft meegevierd,
Van de drie wijzen uit het Oosten horen we dat ze na hun ontmoeting met het Kind Jezus en zijn moeder Maria langs een andere weg van Bethlehem naar hun land terugkeerden. Een paar weken geleden ben ook ikzelf langs een andere weg naar mijn land teruggekeerd. Gods wegen volgen niet steeds onze kaart. Je leest het op zoveel
bladzijden in de Bijbel. Hoewel: anders dan voor de drie wijzen leidde mijn tocht niet naar een kleine stal in een vergeten dorp, maar naar een imposante kathedraal in een
stad met naam en faam. In de kerkgemeenschap van het bisdom Antwerpen mag ik vandaag een nieuwe thuis vinden, als gelovige met de gelovigen, als een leerling met de leerlingen, als een zoeker met de zoekers, als een herder samen met allen die in deze kerkgemeenschap een taak of een zending op zich hebben genomen. Mogen thuiskomen in een nieuwe gemeenschap is een genade en een avontuur, waarvoor ik de Heer en u allen dankbaar ben en waarover ik Gods zegen afsmeek.

Mgr. Bonny
(Bron : Kerknet)
Aan de bisschop is het herderschap over een plaatselijke kerk toevertrouwd. Dit herderschap in het bisdom Antwerpen wil ik graag opnemen, met vertrouwen en ook met bescheidenheid. Met vertrouwen omdat onze echte Herder, de Goede Herder, Jezus Christus zelf is. Hij is het die ons verenigt en ons voorgaat, met de kracht van Gods liefde. Herder zijn wil ik ook met bescheidenheid, omdat deze plaatselijke kerkgemeenschap al veel langer bestaat dan vandaag, omdat ze gedragen is door de inzet en de edelmoedigheid van velen, gedreven door een oprechte liefde voor het Evangelie en een diepe bewogenheid voor mensen met al hun noden. Wat de Heilige Geest hier heeft opgebouwd, lang geleden of in de laatste tijd, is een huis met vele kamers waaraan ik verder mag bouwen, samen met u. De Onze-Lieve-Vrouwekathedraal, onder wiens brede gewelven we nu samen zijn, is hiervan het mooiste symbool: een prachtige erfenis om fier en gelukkig mee te zijn, en tegelijk een open ruimte die ernaar hunkert om mensen samen te brengen, mensen van vandaag, verzameld rond het Woord van de Heer en de Tafel van de Eucharistie. De ruimte is ons alvast gegeven, de levende aanwezigheid kunnen alleen wij verzorgen.
Samen met de drie Wijzen uit het Oosten staan wij voor het kind in de kribbe. Vandaag kijkt Jezus ons aan met de ogen van een weerloos kind, morgen met de ogen van een volwassen man. Ook onder ons wil Jezus groeien tot de volle maat van zijn gestalte: in ons persoonlijk leven, bij ons thuis, in onze gemeenschappen en groepen, in onze dagelijkse leefwereld. Hij wil zijn woord spreken door onze taal, door ons getuigenis. Hij wil zijn liefde doorgeven aan zieken, armen of ontheemden door onze handen, door onze solidariteit. Hij wil ons optrekken uit dalen van zwakte of zonde, door de kracht van zijn verrijzenis. Hij wil ons aanspreken bij onze naam en ons roepen, ieder voor een eigen en onvervangbare zending. Hij wil ons ontmoeten in de eucharistie en sterken met zijn Lichaam en zijn Bloed. Hij wil ons samen brengen, verbonden met elkaar en met Hem, als leden van zijn lichaam dat de Kerk is. “Het Lam zal onze Herder zijn”: hij wil ons voorgaan naar de bronnen van het leven. Laten wij Hem dan volgen, stap na stap, dag na dag.

De kerkgemeenschap van het bisdom Antwerpen heeft een verleden, maar ook een toekomst. Een toekomst die niet zomaar het spiegelbeeld kan en zal zijn van haar verleden. Aan die toekomst wil ik werken, samen met ieder van u, samen met de vele groepen, gemeenschappen, bewegingen en parochies die dit bisdom rijk is, verbonden ook met de katholieke kerkgemeenschap wereldwijd. Er wacht ons een grote en mooie taak. Onder Gods glimlach kunnen we er samen aan beginnen.

Mgr. Kasper legt de handen op
Bron: KerkNet
Bij deze toespraak horen oprechte en gemeende woorden van dank, gericht tot velen. Alle namen noemen kan niet, hoewel ik niemand wil vergeten of uitsluiten. Ik dank eerst en vooral de bisschoppen die mij, na de benoeming door paus Benedictus, tot bisschop hebben gewijd. Ik dank Kardinaal Godfried Danneels, die voorging in deze viering. Ik dank Kardinaal Walter Kasper, onder wiens leiding ik het geluk had jaren te mogen werken op de Pauselijke Raad voor de bevordering van de eenheid van de christenen. Ik dank op een bijzondere manier, Monseigneur Paul Van den Berghe, uit wiens handen ik vandaag de kerkgemeenschap van Antwerpen mag overnemen. Schroomvol en dankbaar wil ik verder zetten wat u, Monseigneur, met zoveel goedheid en zorg hebt opgebouwd. Uw raad en nabijheid zullen mij als beginneling nog vaak te pas komen. Ik dank de Apostolische Nuntius en de bisschoppen van België die me de handen hebben opgelegd, samen met de andere bisschoppen, die kwamen uit Rome, Nederland en Rwanda. Mijn dank gaat uit naar de brede kring van priesters, diakens, pastoraal werksters en werkers, mannelijke en vrouwelijke religieuzen, de vele vrijgestelden van onze diocesane diensten en de vrijwilligers op zoveel terreinen, die vandaag heel het bisdom Antwerpen vertegenwoordigden, in zijn bonte verscheidenheid. Dankbaar voel ik me verbonden met al wie door ziekte, leeftijd of werk niet kon aanwezig zijn, maar deze wijding in gebed heeft meegeleefd. Ik denk daarbij in het bijzonder aan de contemplatieve gemeenschappen van ons bisdom. Verder gaat mijn dank naar de aanwezige bisschoppen, pastores en vertegenwoordigers van andere christelijke kerken; ik waardeer hun deelname vandaag als een teken van broederlijke verbondenheid. Ik dank van harte de vertegenwoordigers van de joodse geloofsgemeenschap, die in Antwerpen zulk een belangrijke plaats inneemt. Verder begroet en dank ik de vertegenwoordigers van de burgerlijke overheid en van diverse burgerlijke instanties, met name de vertegenwoordigers van de Federale en de Vlaamse regeringen; men zal mij wel toestaan dat ik speciaal vermeld mevrouw de Gouverneur van de Provincie Antwerpen en de heer Burgemeester van de Stad Antwerpen; samen met u willen wij bouwen aan een samenleving waarin menselijke waarden hoog staan aangeschreven. Uiteraard ben ik dankbaar voor de aanwezigheid van mijn moeder en familie, van vele vrienden en kennissen, die hopelijk in mij zullen blijven zien
en aanspreken de gewone mens, die ik ook maar ben.
Dankbaarheid wordt het mooiste uitgedrukt met bloemen. Liever dan nu de kerk nog eens rond te gaan, wil ik alle bloemen van dankbaarheid samenbrengen in één grote ruiker en die gaan plaatsen bij het beeld van Onze-Lieve-Vrouw. Vandaag wil ik mijzelf en het bisdom Antwerpen toevertrouwen aan Maria, en vragen dat zij bij haar Zoon voor ons ten beste spreekt. Onder haar bescherming nemen wij onze toevlucht. Het laatste lied van deze viering is daarom ook aan haar gewijd: ‘Lieve Vrouwe van ons Land’.
22:09 Gepost door Wally in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: antwerpen, kathedraal, bisschop, onze-lieve-vrouw, johan bonny, walter kasper, paul van den berghe, godfried danneels |
|
del.icio.us |
|
Digg |
Facebook |
Bisschopswijding Johan Bonny: homilie kard. Godfried Danneels
God geeft ons een nieuwe bisschop. God geeft hem. En onze eerste blik gaat vandaag naar Hem, nog voor we het over de wijdeling hebben of over de vreugde van de Antwerpse kerkgemeenschap. God zij het eerst geloofd en gedankt voor dit kostbaar geschenk. Want Hij houdt zo van zijn Kerk, dat Hij haar steeds weer nieuwe herders geeft. Hij laat zijn kinderen niet eenzaam achter. ‘Ik laat jullie niet als wezen achter’ (Jo 14,18) had Jezus al gezegd voor Hij afscheid nam. God sprak door de mond van zijn profeet, Jeremia: ‘Ik zal jullie herders geven naar mijn hart’ (Jer 3,15). Geloofd en gedankt zij God: de Vader, de Zoon en zijn heilige Geest om deze nieuwe herder.
Want herders hebben we nodig. Altijd, maar bijzonder in deze beroerde tijden. Om vele redenen. Vandaag vooral om deze ene: omwille van de hoop. Die mag ons niet ontvallen. Herders – vooral nu – zijn de behoeders van de hoop, de bewaarders van het vertrouwen in de gemeenschappen. Hun hoop berust niet enkel op menselijke gronden zoals een zonnig karakter of een onverwoestbaar goed humeur. De hoop van de herders steunt op God en op zijn beloften. En God is trouw: Hij is de ankerplaats in tijden van stormweer en het stuurvaste roer bij hoge zee. Is er voor de Kerk op onze dagen wel iets dat we meer nodig hebben dan de hoop? Zeker, geloof mag ons evenmin ontbreken: we moeten immers kunnen verder kijken dan de onmiddellijke voorgrond en zien wat voorbij de horizon ligt: namelijk Gods onzichtbare wereld. Het geloof is naar het woord van de Hebreeënbrief immers: ‘Het overtuigende bewijs van de dingen die we niet zien’ (He 11,1). We kunnen het geloof niet missen in deze tijden van bijziendheid en van al te veel voorgrondproblematieken. De liefde hebben we ook nodig. Wat baat het immers klaar te zien door de blik van het geloof, maar met een hart dat te koud is om de wereld en de Kerk te verwarmen in de wintertijd. Geloof en liefde? Jawel. En beide. Maar er is bovenal hoop nodig: anders valt de boog slap en komt het hart van onze Kerk in last. Er is dan geen toekomst meer. De bisschop wordt door God aangesteld als de drager van die goddelijke hoop. Zeker, er zijn naast hem vele broeders en zusters die deze hoop meedragen. Er zijn nog vele plaatsen op het grasveld van de Kerk die groen zijn en waar groei is. Maar de bisschop is de boom in de tuin die telkens weer bladeren schiet als de winter voorbij is. Na de vorst is hij het die op de hoorn blaast om de lente aan te kondigen en om zijn kudde te leiden naar de weide.
Woorden van hoop
Die hoop put hij eerst en vooral uit de bron van de Schriften. Straks wordt het evangelieboek boven zijn hoofd gehouden. Hij wordt onder de huif geplaatst van Gods eigen Woord, zoals Noach onder de regenboog. Ja, er is altijd hoop. Ook na de ergste watervloed. De bisschop is de eerste aan wie het Woord Gods wordt toevertrouwd. Hij moet het spreken: het is eten en drinken voor de kudde. Want er is honger naar Gods Woord bij de mensen van deze tijd. Het Jaar van het Woord Gods, dat de bisschoppen hebben georganiseerd, heeft getoond hoe velen er naar snakken. Nooit is een pastorale brochure in zulke hoeveelheden verspreid, nooit heeft er een tekst zo makkelijk zijn weg gevonden naar de gemeenschappen en nooit is hij zo intens gelezen en besproken geworden. Ja, de kudde hunkerde naar dat weiland. Neem dus uw herderstaf, gij nieuwe bisschop, en geef Gods woord aan uw mensen, puur, onvermengd en overvloedig. Draag het uit tot in de verste hoeken van uw bisdom en tot bij de kleinste gemeenschappen. Ga overal, blijmoedig en sterk en spreek Gods woord opportune importune – te pas en te onpas. Voed uw kudde met de bijbel.
Een eucharistisch bisdom
Maar er is nog meer. Er is nog een ander brood te breken: dat van de eucharistie: het sacrament van Jezus’ aanwezigheid en van zijn zelfgave op het kruis. Het geneesmiddel van de hoop, die reikt tot in de onsterfelijkheid. Een bisdom bloeit maar als het een eucharistisch bisdom is en de kudde floreert maar als ze dat manna uit de hemel raapt. Zijn we niet al te gewoon geworden aan de eucharistie? Beseffen we echt welke schat ze is? Ze gaat boven alle andere wijzen van verkondiging uit. Want al brengt elke verkondiging van het woord ook God onder ons aanwezig, de eucharistie gaat er ver boven uit: Ze is geen voorbijgaand woord zoals in een woorddienst: ze is het permanente woord van spijs en drank, de aanwezigheid van God die duurt en aanbiddenswaardig is. God raakt hier niet alleen het hart, Hij daalt er in af en blijft er. Beseffen we wat het betekent : ‘Dit is mijn Lichaam – Dit is mijn Bloed’ . Meer nog: ‘Mijn Lichaam gebroken en mijn Bloed vergoten ? Nooit heeft Jezus zo gesproken als op zijn laatste Avondmaal voor Hij van ons wegging. Nergens put de Kerk meer hoop dan uit de eucharistie. Hoezeer hebben de martelaren verlangd naar dit Brood, voor ze hun levensoffer in hun eigen lichaam zouden voltrekken? Hoe hebben vervolgde christenen verlangd om deze spijs te ontvangen voor ze geëxecuteerd werden? Het was hun viaticum – spijs voor de reis. Daaruit putten ze al hun hoop. Uit de eucharistie. Want niets geeft meer vertrouwen dan de aanwezigheid van een vriend in bange dagen en uit zijn voorbeeld en offerkracht. En als die vriend dan nog God is! Ook dit wordt aan u toevertrouwd, gij nieuwe bisschop. Werk samen met uw collega’s aan een eucharistische Kerk: gelovig, eerbiedig en offerbereid. Een Kerk die doet wat ze viert.
Het dienstwerk van de bemoediging
U wordt ook de taak toevertrouwend van leiding en bestuur. Die opdracht wordt er met de dag niet gemakkelijker op: priesterschaarste, veroudering, schaalvergroting, rationalisatie en reorganisatie, afslanking. Het gonst ons om de oren. En het kan ons ook bang te moede worden, zeker ons, bisschoppen. Soms kan de schrik ons om het hart slaan als we naar de toekomst kijken: we zijn steeds met minder. Maar er is een dag geweest dat er nog veel minder waren om christen te zijn: één enkele slechts – met een paar gezellen onder zijn kruis -. Eén. Zijn blik in de toekomst was een en al duister. Hij moest zelfs naar psalm 22 grijpen om te zeggen wat Hij voelde: ‘Mijn God mijn God, waarom hebt u mij alleen gelaten?’. Maar op dat eigenste moment werd ook de hoop geboren: hij stierf en al stervende was hij aan het verrijzen. Zo zag Johannes het als hij in zijn evangelie naar Jezus’ kruis keek.
Dierbare nieuwe bisschop, ik vertrouw u vooral deze taak toe: ‘het dienstwerk van de bemoediging’. Dit was trouwens de titel van de allereerste pastorale brief die ik schreef, toen ik - net zoals u – pas bisschop van Antwerpen was geworden. Nu meer dan dertig jaar geleden.
En daarenboven, u hebt net zoals Jezus op zijn kruis Maria aan uw zijde. Ze staat bij u en ze zal u nooit verlaten. Al eeuwen troont ze hier in uw eigen mooie kathedraal: Onze Lieve Vrouw van Antwerpen. Ze kreeg daarenboven zopas een heel nieuw feestkleed om u waardig te kunnen ontvangen. En wij bisschoppen staan naast u zoals de apostel Johannes toen. En er zijn nog ontelbare kleine Johannessen – priesters en leken – in uw bisdom om de ‘vreugde volkomen te maken’ en u te steunen. Trouwens jij zelf bent ook een Johannes. Bij uw doopsel hebben uw ouders u die naam gegeven. Ik hoop dat het de apostel was die ze bedoelden. Maar als het de Doper was: ook goed. Dan ben je meteen nederig er bij en is uw vreugde compleet. ‘Ik moet kleiner worden,’ zei de Doper, ‘en Hij groter. Dat is mijn vreugde en ze is volkomen’. (Jo 3,30).

Kardinaal Danneels tijdens de homilie
Bron: KerkNet
Hoeders van de hoop
21:34 Gepost door Wally in Homilieën | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: antwerpen, kerk, bisschop, kardinaal, homilieen, johan bonny, godfried danneels |
|
del.icio.us |
|
Digg |
Facebook |








