01-09-12

Met dood van kardinaal Martini verdwijnt een van prominentste Italiaanse kerkleiders

foto_1346430663.jpeg

BRUSSEL (KerkNet) – Kardinaal Carlo Maria Martini is vrijdagmiddag op 85-jarige leeftijd overleden. In 1980 werd hij gewijd tot aartsbisschop van Milaan. Hij zou het grootste Italiaanse bisdom 22 jaar lang leiden. De Italiaanse jezuïet ging al 16 jaar gebukt onder de ziekte van Parkinson. Met zijn dood verliest de Italiaanse katholieke Kerk een van haar prominentste kerkleiders. 

Carlo Maria Martini werd op 15 februari 1927 in Turijn geboren. Op zijn zeventiende trad hij toe tot de jezuïeten. In 1952 werd hij tot priester gewijd. Martini legde zich toe op Bijbelstudie en behaalde een doctoraat over ‘Het historische probleem van de verrijzenis’. Nadat hij korte tijd doceerde in Noord-Italië, verhuisde de beloftevolle professor en exegeet al snel naar het Bijbelinstituut in Rome. Toen hij na zijn emeritaat naar Jeruzalem verhuisde, bekende hij dat Bijbelstudie altijd zijn grote passie was gebleven. In 1969 werd hij decaan van faculteit voor Bijbelwetenschappen en in 1978 werd hij rector van de Gregoriaanse Universiteit in Rome, de meest prestigieuze pauselijke instelling in Rome. De Italiaanse aartsbisschop, die ook bevriend was met kardinaal Godfried Danneels, publiceerde ontelbare boeken en artikels over Bijbelse onderwerpen. Verschillende van zijn boeken groeiden uit tot bestseller. 

Eind 1979, toen hij 52 jaar was, werd hij door paus Joannes Paulus II benoemd tot aartsbisschop van Milaan, het belangrijkste en grootste bisdom in Italië. Paus Joannes Paulus II wijdde hem op 6 januari 1980 persoonlijk tot bisschop in de Sint-Pietersbasiliek in Rome. Drie jaar later werd hij kardinaal gecreëerd. De aartsbisschop, die een bijzondere aandacht had voor jongeren en die telkens ongezouten zijn mening gaf over de kerkpolitiek, raakte niet alleen bekend als kerkleider, maar ook wegens zijn dialoog met andere godsdiensten en atheïsten, zoals de spraakmakende gesprekken met Umberto Eco. Na zijn emeritaat als aartsbisschop van Milaan in 2002 verhuisde hij naar Jeruzalem om er zich opnieuw toe te leggen op zijn eerste liefde, de Bijbelstudie. In 2008 keerde hij wegens zijn broze gezondheidstoestand noodgedwongen terug naar Italië. 

De Italiaanse aartsbisschop stond in binnen- en buitenland bekend als een van de meest pragmatische kerkleiders. Hij schrok er ook niet voor terug om een eigen mening te formuleren. Zo pleitte hij kort voor zijn emeritaat voor een Derde Vaticaans Concilie en nog begin dit jaar zei hij dat stabiliteit van een relatie tussen twee personen te verkiezen is boven wisselende seksuele contacten, ook als beide partners hetzelfde geslacht hebben. Op het consistorie van 2005 werd hij door hervormingsgezinde kardinalen naar voren geschoven als hun kandidaat voor de opvolging van paus Joannes Paulus II. Maar wegens zijn toen al zwakke gezondheid was al heel snel duidelijk dat zijn kansen gering waren. Uiteindelijk viel de keuze van de kardinalen op Joseph Ratzinger, die grote bekendheid genoot omdat hij prefect was van de Congregatie voor de Geloofsleer en die net als Martini zijn sporen al had verdiend als theoloog. 

De commentaren zijn gesloten.