19-02-12

Kardinaal Julien Ries

julien ries.jpgBRUSSEL (KerkNet) – Voor de Belgische theoloog en antropoloog Julien Ries kwam de kardinaalscreatie als een complete verrassing. Hij werd daarvan slechts een dag voor de bekendmaking van de namen op de hoogte gebracht. De 91-jarige Belg was al ereprelaat van de paus en vorig jaar kreeg hij een eredoctoraat van de katholieke universiteit van Milaan. Eerder werd hij ook al onderscheiden door de Academie Française. Merkwaardig genoeg bleef de theoloog, die een indrukwekkend oeuvre bij elkaar schreef, in eigen land eerder onbekend. 


Godsdiensthistoricus en antropoloog

Julien Ries is afkomstig van Fouches, nabij Aarlen. Vandaag woont hij in Villers-Saint-Amand, een dorpje niet ver van Ath waar hij afgelopen zaterdag tot bisschop werd gewijd. Ries volgde Latijns-Griekse humaniora aan het college van Bastogne en trok daarna naar het seminarie van Namen. In 1945 werd hij tot priester gewijd. Daarna was hij enkele jaren parochiepriester en leraar godsdienst, totdat het Leo XIII-seminarie hem naar Leuven haalde. Met de oprichting van Louvain-la-Neuve verhuisde hij mee naar de nieuwe Franstalige katholieke universiteit, waar hij tot aan zijn emeritaat in 1991 geschiedenis van de godsdienst doceerde. Ondanks zijn gevorderde leeftijd blijft studie tot op vandaag zijn grote passie. Dat wordt weerspiegeld in een indrukwekkend collectie artikels en boeken, met als bekroning de bekende ‘Encyclopedie van de godsdiensten’, waarvan hij eindredacteur was. 

Homo religiosus

De nieuwe Belgische kardinaal maakt geen geheim van zijn nauwe band met de paus. “Hij telefoneerde mij meermaals om mij te feliciteren als hij weer eens een boek van mij had gelezen”, vertelde hij deze week aan het weekblad 'Tertio'. Ries heeft meer dan zeshonderd titels op zijn naam. Hij vermoedt dat hij zijn kardinaalstitel aan die publicaties te danken heeft. Ries lanceerde het concept van de ‘homo religiosus’ – de religieuze mens. Hij vertelde daarover deze week in ‘Tertio’: “Zelfs voor de primitiefste mens bestaat er een realiteit die verschilt van de aardse werkelijkheid en uitstijgt boven het zichtbare. Daardoor kan hij contact hebben met het transcendente.” Ries rekent het tot zijn grootste verdienste dat hij kon aantonen dat sinds het ontstaan van de mens, zo’n twee miljoen jaar geleden, die mens al een godsdienstig wezen was. “In de primitieve graven tref je bijvoorbeeld niet alleen een skelet aan, maar ook sieraden en allerlei voorwerpen die de gestorvene zou nodig hebben in zijn volgende leven. De mens was gelovig en had een zeker bewustzijn van het hiernamaals.” Ries gelooft dat dit inzicht net in de 21ste eeuw van groot belang is. “Het toont aan dat iedere mens een fundamenteel religieuze antropologie heeft. Dat inzicht is belangrijk om te komen tot een vruchtbare dialoog met andere geloven en culturen.”

De commentaren zijn gesloten.