09-09-11

Lezingen 24ste zondag door het jaar A

Lezing uit het boek Jezus Sirach 27,30.28,1-7. 
Die zich verheugen in de val der godvrezenden zullen in een strik gevangen worden, en smart zal hen verteren voor hun dood; haat en toorn en dergelijke zijn gruwelen, en een zon daar zal daarmee bevangen worden.
WIE zichzelf wreekt, die zal van de Here wraak vinden, en hij zal zijn zonden zeker bewaren.
Vergeef uw naaste het onrecht dat hij u gedaan heeft, en wanneer gij dan zult gebeden hebben, zullen u uw zonden vergeven worden.
De ene mens houdt tegen de andere mens toorn, en bij de Here zoekt hij genezing.
En hij heeft geen barmhartigheid over een mens die hem gelijk is, en bidt om zijn zonden.
Hij, vlees zijnde, behoudt vijandschap en wie zal zijn zonden verzoenen?
Gedenk aan uw uiterste, en houd op vijandschap te oefenen.
Pleeg geen vijandschap tegen uw naaste tot zijn verderf en dood, maar blijf in de geboden.


Psalmen 103(102),1-2.3-4.9-10.11-12. 
Van David. Loof Jahweh, mijn ziel, Heel mijn binnenste zijn heilige Naam;
Loof Jahweh, mijn ziel, En vergeet zijn talloze weldaden niet!
Hij is het, die al uw zonden vergeeft, En al uw zwakheid geneest;
Die uw leven behoedt voor het graf, U kroont met genade en ontferming;

Hij toornt niet voor immer, En wrokt niet voor eeuwig;
Hij vergeldt ons niet naar onze zonden, En straft ons niet naar onze schuld.
Neen, zo hoog als de hemel Zich boven de aarde verheft, Zo groot is zijn goedheid Voor hen, die Hem vrezen!
Zo ver het oosten staat van het westen, Werpt Hij onze schuld van Zich af;


Lezing uit de brief van de apostel Paulus aan de Romeinen 14,7-9. 
Niemand van ons leeft voor zichzelf, en niemand sterft voor zichzelf;
want zo we leven, dan leven we voor den Heer, zo we sterven, dan sterven we voor den Heer. Of we dus leven of sterven, den Heer behoren we toe.
Want juist daarom is Christus gestorven en ten leven opgestaan, om de Heer te zijn van doden en levenden.

Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Mattheus 18,21-35. 

 

24 TOA ev.jpg


Nu kwam Petrus naar Hem toe, en sprak: Heer, hoe dikwijls moet ik mijn broeder vergeven, die tegen mij misdoet? Tot zeven keer toe?
Jesus zei hem: Niet tot zeven keer toe, zeg Ik u; maar tot zeventig maal zeven keer.
Daarom is het rijk der hemelen gelijk aan een koning, die afrekening wilde houden met zijn dienaars.
Toen hij met de afrekening was begonnen, bracht men er een binnen, die hem tienduizend talenten schuldig was.
Daar hij niets had om te betalen, beval zijn meester, hemzelf te verkopen met zijn vrouw en zijn kinderen en alles, wat hij bezat, en zó de schuld te vereffenen.
Maar de knecht viel hem smekend te voet, en zeide: Heb geduld met mij, en ik zal u alles betalen.
De heer had medelijden met dien knecht, liet hem gaan, en schold hem de schuld kwijt.
Maar toen die knecht was heengegaan, ontmoette hij een zijner medeknechten, die hem honderd tienlingen schuldig was; hij greep hem tot worgens toe bij de keel, en zeide: Betaal me wat ge schuldig zijt.
Zijn medeknecht viel hem smekend te voet, en sprak: Heb geduld met mij, en ik zal u betalen.
De ander wilde dit niet, maar ging heen, en liet hem in de kerker werpen, totdat hij de schuld zou hebben betaald.
Toen nu zijn medeknechten zagen wat er gebeurd was, werden ze diep bedroefd, en gingen hun meester alles vertellen.
Nu liet zijn heer hem roepen, en zei tot hem: Boze knecht, die hele schuld schold ik u kwijt, omdat ge het mij hebt gevraagd;
moest ook gij u dan niet ontfermen over uw medeknecht, zoals ikzelf mij over u heb ontfermd.
En in zijn toorn leverde de heer hem aan de beulen over, totdat hij de hele schuld zou hebben voldaan.
Zo zal ook mijn hemelse Vader met u handelen, als gij niet allen uw broeder van harte vergeeft.

18:10 Gepost door Wally in Ter bezinning | Permalink | Commentaren (0) | Tags: evangelie, bijbel, schrift, lezingen, liturgie, zondag, door het jaar, vergeven, vergiffenis | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.